Net terug van Frankrijk. Veel afgezien, maar het was zeker de moeite waard. Als je wil weten hoe hard de renners in de Tour afzien, moet je zelf maar eens zo’n col oprijden. Binnenkort een veel uitgebreider verslag, maar hier alvast een fotootje (wie goed kijkt weet waar het is).
Waarom heeft een mens er plezier in om zich fysiek af te beulen? Wie heeft ooit het idee gehad om te gaan sporten? Hoe kan iets dat zoveel inspanning vraagt ooit gezond zijn?
Deze en enkele andere vragen spookten tijdens de zware momenten van mijn fietstocht door mijn hoofd. Maar aan elke inspanning komt een einde en dat was gelukkig deze keer niet anders.
Gisteren dus voor het eerst dit jaar mijn fiets eens van stal gehaald en ik had meteen het plan opgevat om van bij ons thuis naar Leuven en terug te fietsen. Dat is 75% van de weg langs de Leuvense Vaart, een ideale, autovrije fietsroute. Keerzijde van de medaille is wel dat dit een tocht van meer dan 50 km is, wat kan tellen om mee te beginnen. Maar ik ben de laatste twee maanden ook elk weekend gaan lopen, zodat er toch al sprake kan zijn van een beetje conditie.
Het begon allemaal heel goed vandaag met een rustig tochtje tot aan de Vaart zonder al te veel krachten te verspelen. Ik rijd namelijk altijd rustig naar de Vaart om vervolgens 35 km vol door te rijden en dan terug rustig naar huis. De tocht naar de Vaart was goed gegaan en ik had ook al voldoende gedronken, want het was toch wel redelijk warm. Als je heel de tijd in de zon rijdt is het gevaar op uitdroging ook al een stuk groter.
Toen was het echter tijd om gas te beginnen geven. Bij het opdraaien van de dijk eerst tussen een hele hoop fietsers moeten laveren vooraleer ik echt kon vertrekken. Blijkbaar was ik niet de enige met het plan om te gaan fietsen. Maar van echt vertrekken was er eigenlijk geen sprake, want een strakke tegenwind hield mij ongenadig tegen. Ik was echter niet van plan om op gezapig tempo naar Leuven te fietsen, dus ik pakte mijn stuur vanonder om mij zo plat mogelijk te leggen en beukte zo hard ik kon tegen de wind in. Na veertig minuten kwam Leuven eindelijk in zicht en daarmee ook de terugtocht met de wind mee deze keer. Maar tegen de wind in rijden vreet aan je krachten zodat ik wijselijk besloot om 10 minuten te pauzeren in Leuven om wat te eten en uit te rusten.
De terugtocht verliep een pak makkelijker met de wind in de rug, al begon de inspanning wel door te wegen. Dankzij de wind kwam ik wel 5km/u sneller vooruit met dezelfde inspanning. Eens van de dijk afgereden, besloot ik om het rustig aan te doen tot thuis, want de vermoeidheid begon nu echt wel door te wegen. Het voordeel van de wind is langs de gewone weg ook niet meer voelbaar en het minste dat ik tegenwind had stond ik bijna stil. Na nog een korte rustpauze besloot ik om nog eens alles te geven in de laatste kilometers, maar al snel bleek dat mijn vaatje energie toch op was. Maar 2u14 minuten na het vertrek was ik terug thuis waar een verfrissende douche op mijn stond te wachten.
Daarna terug richting Leuven, maar ditmaal met de auto, voor het verjaardagsfeestje van L. Daarna kroop ik doodmoe, maar voldaan mijn bed in.
